Klaartje Jaspers: Kambisa!BeHeard


  1. Hij zit in zijn kantoor achter de bar en legt uit waarom hij wel zou willen, maar nee - sorry, echt niet kan. Zijn lange haar en zijn bange woorden vechten een verbeten strijd, zweetparels verschijnen op zijn voorhoofd. Eind vijftig, wit en de manager van een van Zambia's best lopende upperclass-kroegen. Echt waar, hij vind het een fantastisch initiatief, maar nee - hij durft er echt niet aan. Een blaadje als Kambisa!BeHeard. (SpreekOp!WordtGehoord.) verkopen aan de bar waar de heren politici na vijven hun biertje nuttigen... er staat 'politie agent vermoordt man wegens bierschuld' op de cover!! Ik weet het, ik zette het er zelf op.
    Een klein onooglijk blaadje publiceren dat de verhalen van onbekende Zambianen afdrukt, in de ogen van Zambia's witte investeerders is het een ware heldendaad. Achter elke boom loert iemand om je zaak over te nemen of je pardoes het land uit te jagen. Advertentiegeld van een bedrijf waar een buitenlander iets te zeggen heeft? Ik kan het wel vergeten. Kambisa! wordt praktisch gedwongen zich bij haar leest te houden; laat je stem gelden via je portemonnaie - koop Zambiaans. Helaas houden de meeste Zambianen meer van glimmende barokke frutsels dan van ons rood-zwarte rebellenkrantje, soms met een vlek van een onwillige printer. 'De inhoud', zeggen ook de lokale zakenmannen, 'daar sluiten we ons helemaal bij aan. Kom terug zodra de printkwaliteit verbeterd is.'

    Daar staan we dan, twee jaar na oprichting; een hoop complimenten en een wekelijks radio-programma rijker, maar zonder de cash om de gasten ook maar naar de studio te krijgen. Iets moet er veranderen, en het is niet de inhoud.
    In volle vaart tegen Afrika's dagelijkse stereotype aangereden: volop ideeen, maar geen hond die echt ergens in durft te investeren. Zelfs de DJs laten het afweten zodra ze ontdekken dat ze niet binnen een week in het vliegtuig zitten.
     
    Gelukkig hebben we ons publiek, een dankbaar publiek. Een uitzondering op de witte regel bleek bereid Kambisa! met de glossy's te distribueren en verkocht 72% van het eerste nummer dat ik hem gaf. Aan mijn deur verschijnen schoolmeisjes op zoek naar dat ene exemplaar, ze vonden de gedichten zo mooi - ze lezen ze voor bij poezieles. De straatkinderen in de stad willen het nummer met hun foto's, de verhalen kunnen ze niet lezen. De twee die ik destijds huiverig mee naar de studio nam, willen nu elke week 'on air'. Kambisa! doet wat het doen moet; het geeft ze de kans hun verhaal te doen. Dat kan je niet zeggen van die mensen die ze foeterend uit de weg duwen wanneer ze hun hand ophouden. Maar zij zijn het die het 's avonds lezen, in het exemplaar dat ze kochten in het luxueze winkelparadijs Mandahill.
    Een tijdschriftje opzetten met de bedoeling mensen met zulke uiteenlopende achtergronden samen te brengen klinkt ongelovelijk idealistisch. Maar wie een stoere macho op zijn hoofd ziet krabben bij het lezen van het levensverhaal van een prostituee, denkt anders. Wanneer ik een arts argumenten hoor geven voor de stelling van de dronken man in de compound, wanneer ik een Nederlandse lezer opeens zie begrijpen waarom een Afrikaan op God vertrouwt of wanneer ik een mailtje krijg van een Zambiaanse dichter met heimwee in Canada, weet ik waarom ik het doe. Ik laat het werk weer voor het werk, verfoei mezelf, en ren weer naar de studio, het internetcafe, de bespreking met de muzikanten die het willen promoten of de NGO die het wil distribueren. Onder het rennen droom ik van al die mensen die ik binnenkort ga inhuren, die me gaan helpen. Want iets moet er veranderen, maar hoe?

    Klaartje Jaspers is journalist. Ze woont en werkt in Zambia. Klik hier om haar een e-mail te sturen