Nietsnutten


  1. Terwijl het oog langzaam aan het genezen is ben ik nu geveld door een voedselvergiftiging (salmonella). Dat kon ik er nog wel bij hebben. Dus nog maar een aantal dagen rustig aan doen in Dar es Salaam. Maar niet op mijn hotelkamer want die ben ik inmiddels helemaal beu! Ik besluit de straat op te gaan want daar stikt het van de mensen die het rustig aan doen. "De nietsnutten van deze wereld" noemt Kapuscinski deze mensen in z'n boek "Ebbenhout". "U herkent ze meteen, omdat zij die menigte op straat vormen die zo van Europa verschilt. In Europa heeft iemand die op straat loopt een doel. De menigte heeft een richting en ritme dat vaak door haast wordt gekenmerkt. In een Afrikaanse stad gedraagt een beperkt aantal mensen zich op deze manier. De rest gaat nergens heen want ze kunnen nergens heen, ze hoeven nergens heen. Ze hangen rond, zitten in de schaduw, staren, dutten. Ze hebben niets te doen. Niemand wacht op ze. Meestal hebben ze honger. De geringste gebeurtenis op straat, een ruzie, vechtpartij, het oppakken van een dief, brengt meteen een massa van deze mensen bij elkaar. Want overal zitten ze - passief wachtend, God mag wetend waarop, levend, God mag weten waarvan- de nietsnutten van deze wereld." Met deze nietsnutten besluit ik een middagje door te brengen. En wat blijkt? Het zijn geen nietsnutten, iedereen heeft een taak, hier draait de centeneconomie. Ik neem plaats op een bankje bij de schoenmaker en vraag of hij mijn schoenen wil poetsen (20 cent). Ik krijg netjes slippers aangeboden zodat ik niet met mijn sokken op de vuile straat hoef te staan. Naast mij zitten drie oudere mannen op het bankje, ook op slippers ook in afwachting van hun schoenen. Er wordt vrolijk gediscussieerd over het laatste nieuws (Kuyt, gisteren man of the Match bij Liverpool en het electriciteitsbedrijf heeft aangekondigd nog maar 18 uur per dag electriciteit te kunnen leveren). Als de schoenmaker klaar is met het met water schoonmaken van mijn schoenen worden ze door een andere jongen in de zon gezet om te drogen. Hij blijft er bij staan om ze te bewaken en in de gaten te houden wanneer ze droog zijn (5 cent). We besluiten koffie te drinken. Er komt een jongen toegesneld met een koffiepot op houtskool die ons ieder een klein espresso kopje sterke zwarte koffie inschenkt (2 cent). De zon is aan het werk op onze schoenen en de schoenmaker en z'n klanten drinken koffie. We zijn de nietsnutten van deze wereld. Heerlijk! Ik bied de schoenmaker intussen nog mijn broekriem aan met de vraag of hij er nog een gaatje kan bijprikken (5 cent) want ik ben de afgelopen dagen wederom een aantal kilo afgevallen. Ik kan iedereen die wil lijnen een salmonella kuurtje aanraden. Als ik wil afrekenen met een briefje van 50 cent wordt er weer een nieuwe jongen ingeschakeld, de centenwisselaar. Met glimmende schoenen en een niet meer afzakkende broek loopt deze nietsnut rustig, heel rustig, terug naar het hotel. No hurry in Africa!

    Uit Weblog Bart in Bukoba, zondag, augustus 27, 2006